Het nut van vakantie

Vakantie is niet alleen leuk, maar ook noodzaak. Geen wekker die je ’s morgens wakker maakt. Het is zelfs bij de wet geregeld met betaald verlof en vakantiegeld. Al meer dan 100 jaar hebben we ‘recht op luiheid’.

Ruim tachtig procent van de Nederlanders gaat op een meerdaagse vakantie. Meer dan de helft gaat zowel in de zomer als in de winter weg, volgens de cijfers van het CBS. En ook iets meer dan de helft van alle vakantiegangers gaat naar het buitenland. Veel mensen leven zelfs min of meer van vakantie naar vakantie. Of van vrije dag naar vrije dag.

Recht op luiheid

In 1880 schreef Paul Lafarque, de schoonzoon van Karl Marx, een artikel in een Frans tijdschrift over het ‘recht op luiheid’. Werkdagen van 12 tot 14 uren en werkweken van zes dagen waren toen nog normaal voor de meeste fabrieksarbeiders. Lafarque betoogde dat minder lang werken zou leiden tot gelukkiger werknemers. En hij vond vrije tijd belangrijk. In zekere zin kun je hem beschouwen als één van de grondleggers van de vakantie zoals we die nu kennen. Ongeveer dertig jaar na het beroemde artikel, rond 1910, werd in Nederland het vakantiegeld ingevoerd. Dit naar aanleiding van stakende loodgieters en bouwvakkers: zij eisten tijdens hun vakantie doorbetaald te worden.  Hierna volgden steeds meer sectoren die betaald vakantieverlof toestonden. Ook werd ruim honderd jaar geleden al besloten dat dit in mei gegeven moest worden, om te stimuleren dat het geld ook echt voor vakantie gebruikt zou worden. Een andere reden dat vakantie toen voor meer mensen mogelijk werd: door de industrialisatie ging men steeds meer verdienen.

Populaire vakantiebestemming

De eerste plek waar we binnen Nederland vakantie vierden, was het strand. Scheveningen is de eerste bekende badplaats en van oudsher een vakantieoord. Maar ook Katwijk en Zandvoort  kwamen op als populaire bestemmingen. Later werden ook de zandgronden van de Utrechtse Heuvelrug, Limburg en de Hoge Veluwe populair. Dat laatste gebied is het nog steeds. Mensen die afgelopen jaar in eigen land op vakantie gingen, zochten het vaakst de provincie Gelderland op.

Vrije dagen

Nederlanders hebben de minste vakantiedagen van West-Europa. Met in totaal 28 vrije dagen, waaronder feestdagen en wettelijk bepaalde vakantiedagen staat Nederland helemaal onder aan de lijst. Het lage aantal vrije dagen komt vooral doordat er slechts acht nationale feestdagen zijn. Finnen hebben de meeste vrije dagen, dat zijn er 39. Ze hebben niet alleen de meeste vakantiedagen, maar ook de meeste feestdagen, dat zijn er 15. Groot-Brittannië heeft met 28, de meeste wettelijke vakantiedagen, gevolgd door Finland, Zweden, Denemarken en Luxemburg, waar de inwoners 25 vrije dagen krijgen. Het is voor Nederlandse werkgevers wel gangbaar om meer betaalde vakantiedagen te geven dan wettelijk is vastgesteld. Vaak komt het aantal uit op tussen de 25 en 30 dagen per jaar.

M2

Reactie achterlaten